ORIGINAL LETTERS FROM MEMBERS OF THE 45eme
A Dutch writer has put the contents of his 1977 publication on the internet, containing over 300 Napoleonic soldiers' letters. Amongst them are a good deal of letters of Flemish conscripts of the 45eme. Go and see http://www.di.unito.it/~bakel/jan/public_html/brieven/MilRegister.htm and look for the 45eme de Ligne.
French Infantry in the Italian Campaign
H 66 AARTRIJKE
Aen de
wedewe pieter de Jonge tot Eerderijke Arondisiment van Brugge departement De La
Lijs par Brugge
Kirits1
Dezen 8 november 1807
Seer Beminde Moeder
Naer uL: gegroet te hebben zoo
Laet Jck uL: weten den staet van mijne gesondheijdt En hoepe En Betrouwe Dat
uL: ook nog Jn den selven staet zijt En Jck Laete ul weten wat Aermoede Jck
gehadt hebbe zedert dienen tijdt Dat Jck van huijs gekomen Ben Jck hebbe Acht
maenden Lank Op het veld geslaepen door haegel sneeuw wijnd En waeter zoo uL:
kan denken wat Jck al uijt gestaen hebbe En uL En moet niet verwondert zijn dat
Jck Jn zoo Lange niet geschreven En hebbe de oorsaeke heef geweest dat Jck de
ocagie2 niet En hadde gehad maer nuij3 Legge wij stil Jn
pruijsen Land En men segt dat het vrede Js met alle de mogenteden En Jck hoepe
En Betrouwe van nog Eens wederom te keeren als tgod Blieven zal En uL te vinden
Jn volle geson(d)he(ijdt) En Jck versoeke uL: Dat Gij zoude willen de
goetheijdt hebbe van voor mij Eene kleijne somme geldt af te zenden om mij wat
te verkleden Tegen den kouden winter En Jck verwagte antworde zoo haest4
het mogelijck Js En Jck versoeke uL Dat gij zoude willen al de nieuwigheden
schrijven die daer zijn de compelamenten van aen alle mijne susters En Broeders
En alle mijne goede kennissen
Seer
Beminden Moeder
uL:
Dienaer En soone
En Jck Ben onder het 45 Regement
Eerste Batlion 8 compagnie dinfantirie De Ligne Eerste coor5 de La
grand armeije
AARTRIJKE

To the widow Pieter De
Jonghe, Canton of Bruges, Department of the La Lijs, Bruges
Kirits (north of Berlin) the 8th
November 1807
Dearly loved Mother
After having greeted you I
now let you know about my health. And I
hope and trust that you are still in good health. And I let you know what poverty I have had since I left home. I have slept for eight months on the fields,
in hail and snow and wind and water, so you can imagine what I have gone
through. And it should not be a surprise
I have not written you for such a long time; the reason for that is that I
have not had the chance, but now we are stationed in the land of Prussia, and it
has been said there is now peace between the countries. And so I hope and trust to return home if God allows, and I hope I will find you in
good health. And I ask you if you would
be so kind to send me a small sum of money so I can buy some clothes for the
cold winter; I hope I get a reply from you soon. And I would like to ask you to write me all the news from home;
send my best wishes to all my sisters and brothers and all my good friends.
My dearly loved Mother,
your servant and son.
I am in the 45th
Regiment, first Battalion, 8th Compagnie of the Infantery De Ligne,
First corps of the Grand Army.
O 181 INGOOIGEM
Aen
Mijnheer antonius verhest tot wonagtig tot goijgem canton van avelgem
Dupartement Du la lijs a flander tot goijgem arronde: de Courtraij antonius
verhest cito
Aanbach1
Den 22 septanber 1806
seer beminden vader
Den tegenwordigen2
dient om uL: laeten weten den staed van mijne gesontheid godlof het gaet met
mij tegenwordig geel wel verhopende van uL. het zelve want het zoude mij groete
pine Doen van anders te hoeren van uL persoen en van mijne moeder zusters en
broeders en van geel onse famijlie en ik sijn gheel verwondert Dat gij mij geen
antwoerde geschreven enhebt op mijnen brief Die ik uL. geschreven hebbe maer
zijt soo goed mij cito antworde te senden zoo aest als mijnen brief ontfangen
hebt zonder mankieren en als gij antworde geschreven hebt ik zal gelijk mijn
certifijcaet afsenden en zijt soo goed van mij het niews te schriven dat op
onse streke is en hoe dat het gaet met de jonheid3 en ik zijn nog te
beter content ik nog van mijne kennisse gevonden en gij hebt De coppelmenten
van pieter koene Die tot van houtens knaepe4 gewist heft en zijt soo
goed van mijnen vaeder als gij naer sendenis5 gaet
jsenius
verst tot ingoijgen
hier is mijn adres aen
mijnheer jsenius verst Du 45 resement du pr(emier) batalion du 5 companije in
garnisoen tot ansbach in het beirien6 lanD het eersste resement van
de groete armeij
INGOOIGEM

To Mr Antonius Verhest,
living in the district of Gooigem and Avelgem, Department de la Lyijs, Flanders
and the district of Gooigem, him of Kortrijk Antonius Verhest
Dearly loved Father
This letter is to let you
know the state of my health; thank God it goes well with me these days and I
hope the same goes for you; it would sadden me if I were to hear otherwise
about yours and my mother, and sisters and brothers and the whole family. I am very surprised you did not write me back
after the letter I last sent you, please be so kind to reply as soon as you get
this letter; when you have written back I will immediately send you my
certificate. Please be so kind as to
write me the news from our area and how things are with the young people. I am
very happy to have met some of my friends here Pieter Koene send you his regards,
he was Van Houtens servant; [please be so good, my father, when you go to Sint
Denijs]
Jsenius Verst from Ingooigem
Here is the address to Mr
Jsenius Verst of the 45th Regiment of the 1st Battalion
of the 5th Company in the garrison of Ansbach in the country of
Beieren, the 1st regiment of the Great Army.
O 185 WAARMAARDE
A Monsieur Monsieur rogier De
Smet Demeurant a warmarde Arondissement Du courtrai Departement Du La Lijs En
flander
Sinte Maria dezen 22 April
1810
Beminde Vader ende Moeder
Susters ende Broeder en geheel mijne Familie
Ik en kan niet nalaten van
naer Ul. te schrijven en van Ul. te wenschen een geluk zaligen hoogtijd van
Paeschen die aenstaende is en ook om ul. te laeten weten de staed van mijne
gesontheijd jk ben het God lof noch en jk verope als dat gij lieden het zelve
zijt Het is nu langen tijd dat ik niet geschreven en hebbe jk en hebbe geen
ocasie1 gehad daerom versoeke als dat2 gijlieden zoude willen zoo goed zijn van
sito antword te schrijven want jk ben in groot verlangen om te weten hoe het
met ul. gesontheijd noch al gaet Jk hebbe vernomen uit den brief van Petrus van
den Broeke van Kerckhove als dat het slegt gaat in Vlandre met de recruten Jk
ben ook in groot verlangen om te weten hoe het met mijnen broeder Petrus gaet
of hij gelot3 heeft ofte niet Het is ontrent twee jaer dat wij in Spaenden zijn
wij en hebben bijna noch anders niet gedaen als geloopen en gevochten dag en
nacht en wij liggen nu voor een stad die genaemt word Cadix die stad die staet
ontrent een halve ure verre in het waetre en de zee4 En het is nu al ontrent
twee maenden Dat wij voor Die zelve stad Liggen en wij konnen er nog wel vier
maenden zijn Daer word Dagelijks geschoten met De canonen De engelsche Liggen
'er rond in het waetre met ontrent acht hondert volle orlog schepen endaer zijn
schepen in waer 'er hondert stukken Cannon op staen en men zegt Dat men Den
eersten van meij De stad gaet in Brande schieten als zij hun niet over en
gheven en wij veropen van Die stad ook te winnen het is De zeste stad van
spaenden als Die stad over5 is gheel spaenden is ovre en Dat6 het niet en waere
van7 De engelsche wij zouden er haest8 in zijn maer wij zullen zij Doch met al
hun schepen te gronde shieten en wegens van9 mandemak(er) Ambros Die is
geblesseert geweest in De Bataille van tallevera10 an Die is van zijn Blessure
gestorven en wegens van mes(eeuw) het is nu al ontrent twee jaer Dat jk hem
niet gesien hebbe Die is voor zeker ook Dood en veele andre van Daer in het
ronde
En zijt zoo goed van De
compelmenten te Doen aen De weduwe van van stienbruge En aen Baptiste viaene
als Dat zijnen soon ook noch in goede gesontheijd en sijt zoo goed van te
schrijven om te weten hoe het met zijnen Broeder is of hij gelot3 heeft of niet
en zijt zoo goed van te schrijven Bijtbiers tot huijs gekomen is ofte niet Die
is ook geblesse(ert) geweest in zijn hand uL: genegenden Dienaer
Louis De Smet
Mijn adres is Louis De Smet
Soldat au 45me regement 3me compagnie Du premiere Batallon premiere corp D'
armee 2me Division au Camp a Sint maria En Espagnie11
WAARMAARDE
To Mr Rogier De Smet, living
in Waarmaarde, County of Kortrijk,
Departement De Lijs in Flanders
Saint Mary the 22th April
1810
Dear Father and Mother,
sisters and brother and the whole family,
I cannot leave it to write
you and to wish you a happy high day of Easter, which is coming up. And also to let you know the state of my
health, I am thank god still healthy and I hope the same goes for you
folks. It has now been a long time I
have not written you because I have not had the chance; therefore I would like to
ask you to write me back soon because I am eager to hear how things are with
your health. I have heard from the
letter from Petrus van den Broeke van Kerckhove it is not going well with the
recruits in Flanders. I am also very
eager to know how my brother Petrus is doing, whether he has been chosen in the
ballot or not. We have been in Spain
for about two years now and have almost done nothing else but running and
fighting and now we are stationed outside a city named Cadix, the city is about
half an hour away on the water and the sea.
And it has now been about two months we have been outside that same city
and we may be here for another four months.
Daily there is cannon fire; the English are on the water with about
eight hundred war ships and there are ships which have hundred cannons on them,
and it is being said that the city will be set on fire on the first of May if
they do not surrender. We also hope to
conquer that city, it is the 6th city of the Spaniards. If this city surrenders the whole of Spain
will surrender and if it not were for the English we would almost be there now
but we will still shoot them down with all their ships. Regarding basket maker Ambros he has been
wounded in the Battle of Talavera and he has died from his wounds, and
regarding Meseeuw it is now about two years since I have not seen him, he surely
will have died as many others have all over.
Please be so kind to send my
regards to the widow of Van Stienbrugge
and to Baptiste Viane and I hope his son is in good health still and be
so kind to write me how things are with his brother, whether he has been drawn
in the ballot, and please let me know if Bijtbiers has come home or not he has
also been wounded in his hand. Your
loving servant,
Louis De Smet
My address is Louis De Smet,
soldier of the 45th regiment 3rd compagnie of the 1st
batallion first corps of the army, 2nd division of the camp in Santa
Maria in Spain
[in different handwriting on the other side: Reply sent 27th May 1810.]
The following letters have kindly been translated by Wilbert Bosch. Many thanks Wilbert.
N 13 HONDSCHOOTE
Aen monsieur monsieur piere
Dhannoot cultavateur1 contonnement hontschote arrondisement De bergen de
partement De noordt2 a hontschote sito
Desen 26 julius 1805
carolus martijn
zeer Lieve zusters
jk Laeten ul weten den
staedt van mijne gezondtheijd tot nog toe mij En mij broeder joseph vorder3 jk
hebben ul brief zeer wel ontfangen gedaetert van den 16 meije 1805 zoo Lieve
susters jk Laeten ul weten als dat jk vertrocken zijn van het osnabruksche Landt
naer verden4 jn hannoveren al waer wij gecampeert zijn Ende vele haermoede5
moeten Leijde slaepen jn het stroeij honder Een stuk Lindwaert6 die over ons
gespannen js Ende ock van Eten En Drinken geheel sligt maer veropen dat het niet
Lange En gaet deuren maer het js ontrent Drie maenden dat wij daer Liggen zoo
dat jk verwondert zijn dat ul niet En schrijft naer mij dat jk verzoeken ul als
gij nog schrijft dat gij de brieven die toe zallen comen naer mij te willen
schrijven die jk wel van danke zal nemen, zoo vorders jk verzoeken ul mijne
zuster als ul mijne brieven ontfangt dat ul zoude willen zoo goet zijn van de
brieven niet open te trecken die daer jn zijn voor Een hander7 want jk hebben
horen zeggen als jk brieven af senden voor tresia boluijt dat ul die open treckt
maer Een hander mael8 zijt zoo goet van die brieven toe te Laeten gij zal mij
grote pleijzier doen
Daer med(e) jk blijven ul
oodt Broeder
carolus martijn
En verzoeken met het
alderspoedigsten weder schrift den staedt van ul gezondtheijd En de niewemaeren9
die jn vlaender zijn
En mijn adres js aen
Carolus martijn fizelier 45 Rizement 1er battelion 2er companie camp verden jn
hannoveren
Aantekeningen
Vergelijk brief 8 van
dezelfde schrijver. 1 Cultivateur, landbouwer. 2 Du Nord. 3 Voorder, vervolgens,
verder. 4 Verden, ten z.o. van Bremen. 5 Ontbering. 6 Lijnwaad, linnen;
misschien wordt een tent bedoeld. 7 Iemand anders. 8 Een volgende keer. 9 De
tijdingen, het nieuws.
Desen, 26th of July 1805
My dearest sisters,
With this letter I'd like
to tell you mine and my brother Joseph's well-being up till now. I did receive
you're letter dated 16th of May. I've left the Land of Osnabruck travelling
to Verden, near Bremen, in the land of Hannover where we've put up camp. We
suffer a lot of hardship, sleeping on straw underneath a flax cloth tensed above
us and not a lot to eat or drink. Hopefully this won't last much longer. But
it's 3 months now since we've been here and I'm a little bit surprised /
disappointed that you've not send me any letters. Therefore I ask you to
keep sending me letters. My sisters, I also ask you not to open letters that
I've sent which are not addressed to you. I've been told that you've
opened letters that I've addressed to Tresia Boluijt. Be so kind to hand them
over to her. You would make me very happy if you do so.
Remaining your brave
brother,
Carolus Martijn
Send me a return letter as
quickly as you can so I'm informed about health and well-being.
My addres is Carolus artijn
frizelier, 45th regiment 1st bataljon 2nd compagnie Camp Verder in Hannover.
N 14 LEISELE
A moncieur moncieur J:
Couwet a: La leijs de partement de la Lijs arrondiciment de Vurne conton de
Veurne cito cito
Weesel Desen 24 november
1806
zeer beminden vader Ende
moeder
jck laet UL: weten als dat
jck vertrokken zijn van luck1 En gearveert zijn tot weesel Desen zal dienen om
UL: te te Laeten weten den stand van mijne gesontheijd als dat het noch geheel
wel gaet En noch in goed leven zijn zoo daer is hier mijn certificat dat jck
afcenden het welke uw grotelicks can te passe koomen zoo laet jck uw weeten als
dat het geheel goetkoop Leven voor Een pinte bier 6 stuijvers voor Een pont
swijnen vleesch 10 stuijvers gij kont wel dinken hoe dat met ons gaet jck zijn
geheel content dat wij haest2 gaen vertrekken naer den Leeger om te vechten want
dat En js maer twalf uren meer van daer En zoo verzoeke jck om hantwoorde zoo
haest2 als het mogelick hier is mijn adres a: moncieur moncieur couwet soldaet
dan La 45 regiment La 4 companie a weesel
UL: DW dienaer joannes
carolus couwet 1806 + 3
Dear father and mother,
Since I've left Liege town in (Belgium)and arrived in Weesel Desen I can tell you that I'm still in
a good health, which I prove to you with this letter. Life here is reasonably
cheap. One can buy a pint of beer for 6 stuivers (old Dutch currency) and
a pound of pig meat for 10 stuivers. You probably ask yourself what is
about to happen. I'm very happy that we soon will join the army and go into
combat. It's only a 12 hour journey by foot to get there. So send me your
letters as quickly as you can. My address is Moncieur Couwet , Soldier in
the 45th Regiment, 4th Compagnie, Weesel
ONBEKEND
Jk schreven1 uijt stad
Salmanca2 Dezen 24 febrijarius 1809
Seer beminden Vader Ende
Moeder Susters Ende broeders En geheel mijne familie
Jk Laet uL weten als dat ik
nog zijn in goedezondheijd en goede Contentement3 waer over Dat jk god Loven en
danken al dagen dat hij mij bevried4 van alle ongelukken tot Dezer ure ijk laet
uL weten als dat ik vertrocken zijn uijt het Camp van Joseph boorg5 den 17
augustus 1808 en wij zijn van pruijsen vertrocken naer frankerijk en wij zijn
den 25 Septembre 1808 in de stad parijs geerveert6 en wij zijn van daer
vertrocken naer stad badone7 dat is die leste stad van frankerijk dat wij hebben
gehad en van daer zijn wij in het land van Spaeijen gekomen om de betaeilie8 te
gaen maeken tegen den soone van den Coning van spaeijen En wij zijn den vierden
van dixsembre 1808 geErveert aen de stad maederijk9 dat is die oogstad10 van
Spaeijen en wij hebben daer Een Dag en alf vooren gelegen heerdatse11 die stad
hebben overgeven En wij zijn den sesden dag in de oogstad gegaen en wij hebben
daer vierthien dagen stelle gelegen12 en wij zijn van daer voorders opgemarseert
achter den vijand zoo hebben wij al die spaeijshen tropen13 verslijgen14 maer t'
is daerom nog geen vreede met den paeijhaert15 want al die boeren van spaeijen
hebben meest al geweijer aenveert om te vuijchten16 voor hunne coning want wij
hebben meest rooij17 met de brijgrans18 want zij setten19 al baechten20 de
bergen en zij schijden21 slijns en reegts22 naer ons en zij maeken veele
soldaeten Capot men is niet wijs dat23 men Een quart24 weijt gaat met vijf ofte
ses mannen of men is dood esmijten25 van die bregrans want den Engelman viecht
ook meijde26 met den spaeijaert want wij hebben ook geen rooij17 met den
Engelsman om te verslaen maer wij hebben groote rooij met die brijgrans18 en wij
zijn zoo voors gemarseert tot aen de stad Salmanca2 alwaer dat wij stelle
l(e)ggen tot voorder order27 die stad Salmanca legt sesthien uren af ** deze
kant portegal en wij hebben vijf maen(den) lang niet anders gedaen als
gemarseert Jk hebt in het Land van Spaeijen vier bata(eij)lien28 helpen maeken
jk hebt hijder ker29 uijt gekomen zonder gequest30 t' zijn
neiuws van de land streke
van spaeijen het is Een warmer land streke het legt al in zijn geberten31 en op
die bergen groeijen zoo* wijngaerden en fijgen en al zoorten van fruijt en op
die legte32 lande groeijter schoone terwe en men vint weijnige peirdenbeesten in
t' land maer ossen en Ezels vint men genogt en zij doen daer mede hun weerk en
men vint oock geen coeijenbeesten de melk geven in t' land want zij houden veele
geiten gelijk Eenen schap boer33 om melk t' hebben en de menschen gaen ook
allijk34 gekl(ee)t van kleen tot groot geheel t' land deure want Spaeijen is Een
land die geweldig Catholijck is daer zijnder binaer niet meer pater en
geestelijken als ander menschen en zoo apdienen35 Cloosters als huijssen;
jk hebt van uL brief
ontfangen op den 28 Janijarius 1809 waer uijt dat ik verstaen hebbe dat uL al t'
gaeder in goede zondheijd was en geheel mijne familie en ook verstaen dat uL
betrocken heeft geweest tot vieuren36 voor het trijbenael37 parforselijk38 om
die verdeelinge van het goed en ook verstaen dat uL die herberge verpacht heeft
den 2 septembre 1808 en ook verstaen dat dat uL uijt die herberge verhuijs is uL
moet opschreven door wat oorzaeke dat uL verhuijs is en aen wie dat se uL
verpacht heeft uL al t' gaeder neemt wel groote stoutelijk39 (voor) de goederen
te verdeelen en die herberge te verpachten zonder mijn weijte40: waer over dat
ik geheel mis Content41 zijn hoe wel dat ik soldaet zijn ik behooren wel de
affeijrens42 te wete als uL al t' gaeder uL en vervoordert43 niet van Eenige
zaken te doen van sterhuijs44 zonder mijn weijte ofte ander45 ik zal uL al
gaeder wel vinden hoe wel dat jk soldaet ben en zoo weijd van uL zijn men vind
ook menschen die konen schreven en die verstand hebben jk heeft Eenen brief
geschreven naer uL op den 01 augustus 1808 met Een Serficat46 daer in en uL en
heeft geen antwoode geschreven als47 den brief in uL handen geErveert is ofte
niet en uL moet dat alles opschreven en alle nieuws dat er op de proche48 is,
Seer beminden Vader Ende Moeder susters En broeders En geheel mijne familie
Carolus Ls: Js: Jgodt
Dezen 24 febrijarius 1809
Jk Jk schreven uijt die stad
Salmanca in Spaeijen
45 reziment premier battiloen premier Compagnie 2 Division premier coor der
meij49
Aantekeningen
1 Schrijf. 2 Sallamanca. 3
Tevredenheid; met goede schik. 4 Bevrijdt, vrijwaart. 5 Josephs-Berg bij Posnan.
6 Gearriveerd. 7 Bayonne. 8 Bataille, strijd. 9 Madrid. 10 Hoogstad, hoofdstad.
11 Voordat ze. 12 Stil gelegen, gerust. 13 Spaanse troepen. 14 Verslegen,
verslagen. 15 Spanjaard. 16 Vechten. 17 Rooi, last. 18 Brigands,
guerilla-strijders. 19 Zitten. 20 Achter. 21 Schieten. 22 Links en rechts: van
alle kanten. 23 Als. 24 Een kwartier. 25 Gesmeten, geslagen. 26 Vecht ook mee.
27 Tot nader order. 28 Veldslagen. 29 Iedere keer. 30 Gekwetst, gewond. 31
Gebergten. 32 Lage. 33 Schaapherder. 34 Allen gelijk. 35 Abdijen. 36 Veurne. 37
Tribunaal, gerecht. 38 Par force, gedwongen. 39 Zeer gedurfd. 40 Wete, kennis.
41 Ontevreden. 42 Affaires, zaken. 43 Vervoordert niet: verstout u niet (De Bo).
44 Sterfhuis? 45 Anders. 46 Certificaat. 47 Of. 48 Parochie. dorp. 49 Corps
d'armeé, legerkorps.
Unknown
Salamanca, February 24, 1809
Dear father, mother, sisters
and brothers, and the rest of my family.
I want you to know that I'm
still in a good health and feeling happy and I thank God that He has protected
me from hurt up till now. On the 17th of August 1808 we left camp at
Josephs-Bergs near Posnan and went from Germany to France and arrived in Paris
on September 25th. From there we went to Bayonne which was the last town in
France in which we camped. After that we arrived in Spain to fight the son of
the King of Spain. The 4th of December 1808 we arrived in Madrid, the capital of
Spain. For one and a half days we laid siege until they raised the white flag.
The 6th day we went to Madrid and had a recovering period of 14 days. Then we
marched behind enemy lines and beat the Spanish army. Nevertheless, there is no
peace yet because the Spanish peasants have guns and keep on fighting for their
King. The ones that trouble us most are the Guerillas. They sit behind rocks and
shoot left and right at us killing lots of soldiers. If you go out with 5 or 6
men for less than a quarter you'll be beaten to death by the Guerrillas because
the English are fighting with the Spanish. We don't fear the English but we
really fear the Guerrillas. This way we marched to Salamanca where we made camp
until further order. Salamanca is 16 hours by horseback from Portugal. For 5
months we did nothing but march and now in Spain I've been in 4 battles and
every time got out without getting hurt.
Spain is warmer than it is
at home. There are mountains where grapes, figs and all sorts of fruit are
growing. In the lower areas real fine wheat is harvested. You'll find hardly any
horses but there are lots of donkeys and oxen. They are used to work in the
field. You won't find any cows either because the people are used to drinking
goats milk. Just like a sheep farmer. From young till old people are dressed the
same because Spain is a very religious country. They are all Catholic. There are
as many priests as civilians just as there are as many monasteries as there are
houses.
I've received your letter on
the 28th of January 1809. I've understood the whole family is in a good health.
I heard that you've been to court in Veuren for the division of the land and
I've heard that you've leased out the inn since September 2 1808 and that you
have had to move out as well. You have to write to me and tell me why you had to
leave the inn and to whom you've leased it out. All in all I'm not too happy
that all of this happened without me knowing anything. Although I'm serving in
the army I still think I have to be involved. If you look for them you will find
people who can help you write a letter. On August 1, 1808 I sent you a letter
together with a Certificate. You've never confirmed whether this letter arrived.
You really have to write about all the news happening in our parish, my beloved
father, mother, sisters, brothers and the rest of my family.
February 24, 1809
I wrote this in the town of
Salamanca in Spain.
45th Regiment, 1st
Battalion, 1st Company, 2nd Division, 1st Army
Pictures from re-enactments at Waterloo, Belgium and Rockingham 2007.